Vooral jongeren zetten te gemakkelijk hun persoonlijke gegevens en daarmee hun leven op internet. De wijze waarop mensen zich kunnen beschermen tegen gebruik en misbruik van deze online gegevens, is nog onderbelicht. Dit stelt het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP), dat dinsdag kwam met richtsnoeren over de toepassing van de Wet bescherming persoonsgegevens bij internetpublicaties.
Volgens Madeleine McLaggan van het CBP denken jongeren via virtuele vriendennetwerken als Hyves alleen met vrienden te communiceren terwijl ze dat in feite met de hele wereld doen. Als persoonsgegevens zoals namen, contactgegevens maar ook foto’s eenmaal op internet staan, zijn ze via zoekmachines eenvoudig terug te vinden. McLaggan: ‘We zien de laatste tijd dat het bewustzijn over de nadelige gevolgen groeit.’
Een veel voorkomend verschijnsel is dat werkgevers voorafgaand aan een sollicitatiegesprek de sollicitant online natrekken door een persoon te googlen. ‘Sommige gegevens komen zo steeds opnieuw bovendrijven. Denk bijvoorbeeld maar aan niet zulke florissante foto’s of slechte schoolresultaten. Een persoon heeft het recht deze informatie te laten verwijderen’, aldus het CBP.
Met een informatiepakket en de website mijnprivacy.nl laat het CBP weten wat een persoon kan ondernemen tegen publicatie van persoonsgegevens op het web.
Zo zijn websitehouders verplicht de betrokkenen te informeren voordat ze persoonlijke gegevens op internet zetten. Is de persoon in kwestie er niet van gediend, dan moeten de gegevens van de site af.
McLaggan benadrukt echter dat in eerste instantie de verantwoordelijkheid bij de internetters zelf ligt. ‘Wij zijn geen internetpolitie. Mensen moeten goed nadenken voor ze gegevens op internet plaatsen. Het CBP treedt op bij ernstige structurele zaken.’
Het college zegt bedrijven die na een waarschuwing weigeren zich te houden aan ‘de simpele spelregels’, een dwangsom op te leggen. De hoogte van de dwangsom zal per geval worden bekeken.
De komende weken zal het college de richtlijnen aan een aantal organisaties voorleggen, waarna de definitieve beleidsregels worden vastgesteld.
Bron:De Volkskrant, 17 Oktober 2007